Het registreren, configureren en toepassen van Plugins binnen Dataverse.
Plugins worden gebruikt voor het uitvoeren van server-side business logica binnen de Dataverse event pipeline.
Deze pagina beschrijft hoe Plugins worden geregistreerd, geconfigureerd en toegepast binnen een oplossing.
Voor richtlijnen rondom architectuur, ontwikkeling, testing en services:
👉 Zie Plugin & Custom API Development.
Plugins reageren op gebeurtenissen binnen Dataverse.
Veelgebruikte events zijn:
Bij iedere gebeurtenis kan een Plugin worden uitgevoerd binnen een specifieke fase van de pipeline.
Wordt uitgevoerd vóór de platformvalidatie.
Typische toepassingen:
Wordt uitgevoerd binnen de database transactie.
Typische toepassingen:
Wijzigingen worden onderdeel van dezelfde transactie.
Wordt uitgevoerd nadat de gegevens zijn opgeslagen.
Typische toepassingen:
Plugins kunnen synchroon of asynchroon worden uitgevoerd.
Wordt uitgevoerd tijdens de gebruikersactie.
Gebruik voor:
Aandachtspunt:
De gebruiker wacht op voltooiing van de Plugin.
Wordt uitgevoerd op de achtergrond.
Gebruik voor:
Aandachtspunt:
De gebruiker ontvangt niet direct resultaat van de verwerking.
Plugins worden geregistreerd via de Plugin Registration Tool.
Per Plugin Step wordt minimaal vastgelegd:
Registreer uitsluitend de stappen die daadwerkelijk nodig zijn.
Voorkom onnodige registraties en overlap tussen meerdere Plugins.
Bij Update-events moeten Filtering Attributes worden gebruikt.
Voorbeeld:
telephone1
emailaddress1
Gebruik altijd Filtering Attributes tenzij er een duidelijke reden is om dit niet te doen.
Gebruik Plugin Trace Logs voor monitoring en troubleshooting.
Log bijvoorbeeld:
Log voldoende informatie voor analyse, maar voorkom overmatige logging.
Valideert gegevens onafhankelijk van de gebruikte interface.
Voorbeelden:
Voert logica uit op basis van gebeurtenissen.
Voorbeelden:
Start vervolgprocessen richting externe systemen.
Voorbeelden:
Laat een Plugin slechts één verantwoordelijkheid hebben.
Plaats business logica in services en houd de Plugin beperkt tot:
| Scenario | Stage |
|---|---|
| Validatie | PreValidation |
| Datamutatie | PreOperation |
| Vervolgactie | PostOperation |
Gebruik synchroon alleen wanneer directe verwerking noodzakelijk is.
✘ Geen Filtering Attributes gebruiken
✘ Te veel logica in de Plugin zelf
✘ Externe calls vanuit synchrone Plugins
✘ Onnodige database bevragingen
✘ Geen foutafhandeling
✘ Overmatig gebruik van Plugin Steps
| Onderwerp | Relatie |
|---|---|
| Plugin & Custom API Development | Ontwikkelrichtlijnen voor server-side logica |
| Custom API Usage | Alternatieve implementatietechniek |
| Logic Implementation Guidelines | Ondersteunt de keuze van de juiste techniek |
| Monitoring & Logging | Richtlijnen voor logging en analyse |
Plugins maken het mogelijk om server-side logica uit te voeren binnen de Dataverse event pipeline.
Een goede Plugin implementatie:
Hierdoor ontstaan oplossingen die performant, betrouwbaar en onderhoudbaar zijn binnen het Power Platform.